Na mijn seizoen bij Willem II veranderde er veel. Ik had een sterk jaar achter de rug, scoorde veel en merkte dat er ineens anders naar mij gekeken werd. Niet alleen in Nederland, maar ook vanuit het buitenland kwam er belangstelling.
Voor een jonge speler is dat aantrekkelijk. Een andere competitie, internationale aandacht, meer exposure en vaak ook een beter salaris. Toch wist ik dat geld niet mijn eerste kompas mocht zijn.
Mijn plan was duidelijk: ik wilde mijzelf verder ontwikkelen, het maximale uit mijn talent halen en spelen in een systeem dat bij mij paste. Het Nederlandse voetbal, met het 4-3-3-systeem, voelde voor mij logisch. Als centrumspits kreeg ik ruimte, aanvoer vanaf de zijkanten en duidelijke patronen waarin ik mijn kwaliteiten kon gebruiken.
Daarom koos ik niet automatisch voor de snelste financiële stap. Ik wilde weten: word ik hier beter van?
Buitenlandse belangstelling, maar mijn plan bleef leidend
Als jonge profvoetballer kun je gemakkelijk onder de indruk raken van interesse uit het buitenland. Het geeft erkenning. Het bevestigt dat je goed bezig bent.
Maar erkenning is niet hetzelfde als richting.
Ik wilde geen stap zetten omdat een club groter klonk of omdat het salaris aantrekkelijker was. Natuurlijk is geld niet onbelangrijk. Een profcarrière is kort en je moet ook zakelijk verstandig zijn. Maar geld mag niet de enige reden zijn om te kiezen.
Voor mij ging het om persoonlijke ontwikkeling boven geld.
Ik wilde beter worden als spits. Ik wilde mij meten in een omgeving waarin ik kon groeien. Daarom keek ik niet alleen naar het contract, maar vooral naar het voetbalplaatje.
Waarom FC Groningen mij aantrok
Toen FC Groningen interesse toonde, vond ik dat direct interessant.
Niet alleen omdat het een Eredivisieclub was, maar omdat ik als tegenstander al had gevoeld wat voor club het was. Uitwedstrijden tegen Groningen waren nooit gewoon. Er hing sfeer. Er was geluid. Er was energie.
Het publiek leefde intens mee en droeg de ploeg.
Sommige mensen onderschatten de invloed van supporters. Maar als speler voel je dat wel degelijk. Een fanatieke, loyale en luidruchtige aanhang kan een elftal sterker maken. Spelers voelen zich gedragen. Tegenstanders merken die druk ook.
Bij mij werkte dat niet verlammend. Ik had altijd een winnaarsmentaliteit. Als iemand mij uitdaagde, deed ik er juist een schep bovenop. Maar ik kon mij wel voorstellen hoe mooi het zou zijn om vóór zo’n publiek te spelen in plaats van ertegen.
FC Groningen had iets. De sfeer, het aanvallende voetbal en de betrokkenheid van de supporters maakten indruk op mij. Daarom besloot ik serieus met de club in gesprek te gaan.
Het gesprek op Schiphol
We spraken af op Schiphol. Dat kwam praktisch goed uit, want ik zou naar Hull vliegen om mijn moeder te bezoeken en vakantie te houden.
Het gesprek begon positief. Hoofdtrainer Theo Verlangen was duidelijk in zijn verhaal. Hij zag een rol voor mij in de spits, als opvolger van clublegende Peter Houtman.
Dat gaf vertrouwen.
Ik begreep wat hij wilde. Ik voelde dat mijn kwaliteiten pasten bij zijn idee. Voor mij was dat belangrijker dan mooie woorden. Een speler moet weten waar hij terechtkomt, hoe de trainer wil spelen en welke rol hij krijgt.
Het voetbalplaatje klopte.
Maar daarna kwam het financiële verhaal.
Voorzitter Renze de Vries kwam met een aanbod dat lager was dan wat ik bij Willem II verdiende. Dat was lastig. Ik wilde best voor ontwikkeling kiezen, maar ontwikkeling mocht geen achteruitgang betekenen. Je moet als speler ook je waarde kennen.
Daar zit een belangrijke les in: kiezen voor persoonlijke ontwikkeling boven geld betekent niet dat je alles maar moet accepteren.
Je kunt kiezen voor groei én tegelijk realistisch zijn over je waarde.
Helder onderhandelen
Ik had op dat moment hulp van mijn goede vriend Willem Straatman, die ik kende uit mijn tijd bij FC Wageningen. Dat was nodig, want Renze de Vries sprak geen Engels. Willem hielp mij om mijn standpunt duidelijk over te brengen.
Op een gegeven moment zei ik tegen Willem wat ik ongeveer wilde verdienen. Ik maakte duidelijk: als dit niet mogelijk is, dan ga ik weg.
Dat was geen dreigement. Dat was helderheid.
En die helderheid werkte. FC Groningen bleek bereid om realistischer te onderhandelen. Uiteindelijk kwamen we tot een akkoord. Ik kon mijn contract tekenen en daarna doorvliegen naar Engeland.
Zo werd FC Groningen mijn volgende stap. Ik tekende een contract voor drie jaar, voor de periode 1982-1985.
Persoonlijke ontwikkeling vraagt om een duidelijk een innerlijk kompas
Als ik terugkijk, zie ik dat die keuze veel zegt over ontwikkeling in het voetbal.
Veel jonge spelers willen vooruit. Dat is logisch. Maar vooruitgaan betekent niet altijd dat je naar de grootste club, het hoogste salaris of de meest opvallende competitie moet gaan.
Soms is de beste stap de club waar je het meest kunt leren.
Voor mij was FC Groningen zo’n club.
Ik koos niet tegen het buitenland omdat ik bang was. Ik koos voor Groningen omdat het beter paste bij mijn ontwikkelplan. Dat verschil is belangrijk.
Een goede carrière bouw je niet alleen met talent. Je bouwt die met keuzes.
Je moet durven zeggen:
• Dit past bij mij.
• Dit past niet bij mij.
• Hier kan ik groeien.
• Hier word ik misschien beter betaald, maar word ik niet beter als speler.
• Hier moet ik onderhandelen, omdat mijn waarde telt.
Veel mensen zien alleen de wedstrijden, doelpunten en transfers. Maar achter de schermen worden vaak de belangrijkste keuzes gemaakt. Je hebt een innerlijk kompas nodig dat je op koers houdt. Je moet je einddoel voor ogen houden. Voor mij kwam dat neer op: mezelf optimaal ontwikkelen, het maximale uit mezelf halen en op die manier de top bereiken.

De selectie bij FC Groningen
Natuurlijk, zo loopt hij vloeiender:
Het Nederlandse 4-3-3-systeem paste goed bij mij. Ik kwam naar FC Groningen als opvolger van Peter Houtman en kreeg als centrumspits precies wat ik nodig had: ruimte, aanvoer vanaf de zijkanten en duidelijke patronen waarin ik mijn kwaliteiten kon gebruiken.
Toen ik in 1982 aansloot, merkte ik bovendien al snel hoeveel kwaliteit er in de selectie zat. Met spelers als Ronald Koeman, Erwin Koeman, Ron Jans en Steve Goble voelde je direct dat er voetbal in de ploeg zat. Het was een fijne, talentvolle groep met techniek, inzicht, karakter en ambitie.
Als spits ben je altijd afhankelijk van je omgeving. Je kunt hard werken, slim bewegen en scherp zijn voor de goal, maar je hebt ook spelers nodig die jou begrijpen en op het juiste moment bedienen.
Bij FC Groningen had ik het gevoel dat die basis aanwezig was.
Ook Theo Verlangen speelde daarin een rol. Hij was een fanatieke trainer, stond bovenop de groep en vroeg veel van zijn spelers. Uiteindelijk haalden we Europees voetbal na een overwinning op FC Twente in de allerlaatste wedstrijd van het seizoen.
Dat was bijzonder.
Het publiek kwam uit en thuis in grote aantallen. Die betrokkenheid gaf energie. Je voelde dat de club leefde.

Ajax – FC Groningen 5-5
Een wedstrijd die bij veel supporters is blijven hangen, is de uitwedstrijd tegen Ajax. Die eindigde in 5-5.
Een bizarre wedstrijd. Veel goals, veel momenten, veel emotie.
Ik passeerde in die wedstrijd niemand minder dan Johan Cruijff (foto hierboven) en scoorde een goal.
Maar een van de beste doelpunten die ik mijn leven gezien heb was het doelpunt van Ron Jans. Dat staat nog altijd in het geheugen van veel supporters. Waarschijnlijk een van de mooiste doelpunten aller tijden. Dit soort momenten laten zien waarom voetbal meer is dan een uitslag. Het zijn beelden, gevoelens en herinneringen die blijven. Die wedstrijd liet ook iets zien van de ploeg die we hadden. Er zat lef in. Aanvallende intentie. De wil om te voetballen. En dat paste bij mij.
Wat jonge spelers hiervan kunnen leren
Als coach en mentor kijk ik nu anders naar dit soort momenten dan toen ik speler was.
Toen zat ik midden in mijn carrière. Ik maakte keuzes, voelde druk, onderhandelde, speelde wedstrijden en probeerde te presteren. Nu zie ik vooral hoe belangrijk het is dat jonge spelers leren nadenken over hun eigen ontwikkeling.
Niet elke kans is de juiste kans.
Niet elke transfer is vooruitgang.
Niet elk hoger salaris is automatisch een betere stap.
Jonge spelers moeten leren kijken naar het grotere plaatje:
• Waar kom je terecht?
• Welke trainer zit er?
• Welk systeem wordt er gespeeld?
• Krijg je echt kans om te groeien?
• Past de cultuur van de club bij jou?
• Word je daar alleen gebruikt, of ook ontwikkeld?
In het voetbal is er veel aandacht voor talent, maar talent zonder richting kan verdwalen. Zeker als er belangstelling komt van buitenaf.
Daarom hebben jonge spelers meer nodig dan training. Ze hebben begeleiding nodig in denken, kiezen en omgaan met druk. Hun carrière wordt niet alleen bepaald door wat ze met de bal kunnen, maar ook door wat ze naast het veld beslissen.
Een seizoen met pijn, herstel en Europees voetbal
Wat ook meespeelde: mijn eerste seizoen bij FC Groningen kan ik persoonlijk geen volledig succes noemen.
Ik kreeg te maken met een meniscusoperatie en speelde met pijn in mijn linkerknie. Dat beïnvloedt je als spits. Je wilt vrij bewegen, scherp draaien, explosief reageren en vol overtuiging voor de goal komen. Als je lichaam niet meewerkt, voelt alles anders.
Ik scoorde elf doelpunten. Voor sommige spelers klinkt dat misschien prima, maar voor mijn eigen standaard voelde het als minder dan wat ik wilde brengen.
Toch was het seizoen niet verloren.
We haalden Europees voetbal. Ik speelde in een sterke ploeg. Ik leerde de club kennen. Ik voelde de kracht van het publiek. En ik werd opnieuw geconfronteerd met iets wat elke sporter leert: ontwikkeling gaat niet altijd recht omhoog.
Soms kies je bewust voor een stap, en dan komt er alsnog tegenslag.
Een blessure. Pijn. Herstel. Frustratie.
Ook dat hoort bij topsport.
Belangrijkste les
Als ik één les uit deze periode moet halen, dan is het deze:
Kies niet automatisch voor de snelste beloning. Kies voor de stap die jou beter maakt.
Dat geldt voor voetballers, maar eigenlijk voor iedereen.
In het leven komen er momenten waarop iets aantrekkelijk lijkt. Meer geld. Meer status. Meer aandacht. Een grotere naam. Maar de vraag is: brengt het je dichter bij wie je moet worden?
Voor mij was FC Groningen zo’n keuze. Niet omdat alles perfect was. Niet omdat het makkelijk werd. Maar omdat het paste bij mijn plan, mijn ontwikkeling en mijn manier van voetballen.
Ik wilde het maximale uit mijn talent halen en de top halen. Daarvoor moest ik soms nee zeggen tegen verleiding en ja zeggen tegen groei.
Dat is persoonlijke ontwikkeling verkiezen boven snel geld.
Na dat eerste seizoen veranderde er opnieuw veel. Theo Verlangen, onze fijne coach, vertrok bij de club. Voor hem kwam Han Berger. Dat betekende een nieuwe fase, een nieuwe trainer en opnieuw aanpassen. Mijn tweede seizoen bij FC Groningen zou weer een ander verhaal worden.
Reflectie voor de lezer
Sta eens stil bij je eigen ontwikkeling: kies jij voor wat op korte termijn aantrekkelijk lijkt, of voor wat jou op lange termijn sterker maakt?
FAQ’s bij dit artikel
1: Waarom koos Rob McDonald voor FC Groningen?
Rob McDonald koos voor FC Groningen omdat de club paste bij zijn persoonlijke ontwikkeling als spits. Na zijn sterke seizoen bij Willem II was er ook buitenlandse belangstelling, maar hij wilde vooral spelen in een omgeving waar hij beter kon worden. FC Groningen bood hem een duidelijke rol in de spits, een fanatiek publiek en een aanvallend voetbalplaatje dat bij hem paste.
2: Wat betekent persoonlijke ontwikkeling boven geld in het voetbal?
Persoonlijke ontwikkeling boven geld betekent dat een speler niet alleen kijkt naar salaris of status, maar vooral naar de vraag: word ik hier beter van? Voor Rob McDonald betekende dit dat hij koos voor een club waar hij kon groeien als voetballer, ook al was de financiële stap niet vanzelfsprekend de meest aantrekkelijke keuze.
3: In welk seizoen kwam Rob McDonald bij FC Groningen?
Rob McDonald kwam in het seizoen 1982/83 bij FC Groningen. Hij tekende een contract voor drie jaar, voor de periode 1982 tot 1985. Zijn eerste seizoen bij de club was bijzonder, omdat FC Groningen Europees voetbal haalde en de ploeg veel kwaliteit had.
4: Welke spelers zaten bij Rob McDonald in de selectie van FC Groningen in het seizoen 1982/83?
In de selectie van FC Groningen speelden onder anderen Ronald Koeman, Erwin Koeman, Ron Jans en Steve Goble. Rob McDonald beschrijft de groep als talentvol, ambitieus en voetballend sterk. Voor een spits was dat belangrijk, omdat hij afhankelijk was van spelers die hem begrepen en konden bedienen.
5: Wat kunnen jonge voetballers leren van Rob McDonalds keuze voor FC Groningen?
Jonge voetballers kunnen leren dat niet elke grotere club, buitenlandse interesse of hoger salaris automatisch de beste stap is. Belangrijke vragen zijn: past de trainer bij mij, krijg ik speeltijd, past het systeem bij mijn kwaliteiten en kan ik mij daar echt ontwikkelen? Een goede carrière bouw je niet alleen met talent, maar ook met verstandige keuzes.
6: Waarom is Ajax – FC Groningen 5-5 zo’n bijzondere wedstrijd?
Ajax – FC Groningen 5-5 is een wedstrijd die veel supporters is bijgebleven door het grote aantal doelpunten, de emotie en het aanvallende voetbal. Rob McDonald noemt vooral het doelpunt van Ron Jans als een moment dat in het geheugen van supporters is blijven hangen. De wedstrijd liet zien dat FC Groningen lef had en wilde voetballen.

Meer van dit soort inzichten?
Wil je meer van dit soort inzichten uit de praktijk van topsport en coaching?
Kijk en luister dan naar de videopodcast The Next Goal, waarin ik deze lessen verder uitdiep, samen met andere profs die hun inzichten met je willen delen. The Next Goal met Rob McDonald gaat over de mens achter de voetballer. In de podcast deelt Rob lessen uit topsport, coaching, keuzes, tegenslagen en persoonlijke groei. Het gaat niet alleen over prestaties op het veld, maar vooral over wie je wordt onderweg.
